Gepost door: grietjekeller | juni 22, 1940

22 juni 1940: Rotterdam. Het is bedroevend en ontstellend als men die verwoesting bekijkt.


Jacob Keller schrijft zijn wekelijkse verslag op 22 Juni 1940:

De oorlog staat nog even als verleden week. Frankrijk heeft om wapenstilstand gevraagd, er is over onderhandeld, maar de strijd duurt nog steeds voort. Als Frankrijk gecapituleerd heeft, wat dan. Zal Hitler Engeland aanvallen en zoo ja, op welke wijze. Zal Amerika neutraal blijven? We zullen ’t af moeten wachten Of zal Hitler even als Napoleon het hoofd stooten tegen Engeland en Rusland? Het schijnt dat Rusland ook wat van plan is, de vraag is maar, wat.

Dinsdag zijn we naar Rotterdam geweest, naar de familie v. Dijk [de schoonouders van zijn zoon]. We reden nu tot station D.P. Voor een paar dagen liep de trein niet verder dan Feienoord. Maar de treinen stoppen niet op station Beurs, om de eenvoudige reden dat station Beurs niet meer bestaat. Door de stad rijdend ziet men ’t grootste gedeelte der verwoesting. Het is bedroevend en ontstellend als men die verwoesting bekijkt. Honderden vrachtwagens rijden dag aan dag puin. De Schie is er al mede gedempt, op ’t land van Hoboken is een enorme hoop neergereden en de Kralingsche plas is nu aan de beurt. En men kan haast niet zien dat er aan begonnen is. De straten zijn op zijn best vrij gemaakt. Men zegt dat vele steden in Duitschland er ook zoo bij liggen. Nacht voor nacht trekken Engelsche vliegers er op uit en werpen hun bommen uit. En de Duitschers doen dat boven Engeland. Wat een vernietiging! En dan zijn we gewend te zeggen, ’t is niet(?) zoo erg als ’t er uit ziet. Procentsgewijze vakt dat wel mêe. Maar wie Rotterdam gezien heeft en hoort dat de aanval maar drie kwartier (van kwart voor één tot half twee) duurde, die praat anders. Die denkt als er felle wind is, dan kunnen eenige bommenwerpers gemakkelijk een groote stad totaal vernietigen. De brandspuiten waar bij brand in de steden aller hoop op gevestigd is en nooit tevergeefs, worden zelf getroffen. En zoo niet, dan kunnen ze toch niet wegkomen omdat de straten versperd zijn, omdat er van ’t personeel gedood zijn  enz. enz.

Woensdag was ik op de Beer. De bieten groeien prachtig, de aardappels zag ik niet, maar die halen ’t ook op. De bruine boonen vielen mij zeer tegen. (…)

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Categorieën

%d bloggers liken dit: